Driedaagse excursie Bedrijfsschool Geleen (1)


Met een vieze druilregen vertrokken we onder leiding van de heren Kop en Maessen met 17 jongens van onze bedrijfsschool om 7.47 uur met de trein uit Sittard, richting Rotterdam, voor een 3-daagse excursie. In Eindhoven zat een van onze jongens al direct in de prijzen toen hij bij het overstappen een verkeerde tas meenam, met het gevolg, dat hjj bij het boter­ham eten geen brood had. maar alleen een hele stapel foto’s. Grote hilariteit bij het hele gezel­schap!

Inmiddels was de zon achter de wolken van­daan gekomen, die ons deze drie dagen geluk­kig niet meer verlaten heeft. In Rotterdam aangekomen stonden we al direct in het drukke gewoel van de grote stad. Heel wat anders dan de ., Waerelsjtad” Geleen. Gelukkig, dat de heer Kop hier goed de weg wist, want anders waren we niet ver gekomen.
Onze eerste gang was naar de Diergaarde Blij­dorp met zijn verschillende diersoorten, wat prachtig was om te zien. We probeerden een papegaai te leren fluiten (hjj verstond echter geen Limburgs).

Bij de uitkijktoren en de bal­len voor de bloemen vertelde de heer Kop, dat het staalskelet hiervan door Gusto is gebouwd en dat a1Je spanten van de bal verschillend zijn gemaakt, zodat het net is of de wanden recht naar achteren staan als je in de hal kijkt, ter­wijl ze in werkelijkheid schuin lopen. Dit is een mooi stuk werk. Na de koffie gingen we een rondrit maken door Rotterdam. Met een autobus langs alle nieuwe wijken. We zagen in de verte de stormvloed­kering en we kwamen langs de Brienenoord­brug, waar Gusto ook al aan het werk was. Tot slot van de rondrit werd een bezoek ge­bracht aan het Metro-station Leuvehaven. Vandaar wandelden we naar de Koninklijke Marechaussee om de bewuste tas om te ruilen, want die bleek van een matroos te zijn. We hebben allen hartelijk gelachen toen de heer Kop even iets aan een politieagent wilde vra­gen. Hij liep even iets naast het zebrapad op de agent af. ,,Mag ik u even iets vragen?” “Meneer”, zei de agent. ,.mag ik u eerst even iets zeggen’? Wilt u in het vervolg over het zebrapad lopen en niet ernaast?” Een van onze jongens maakte de opmerking: ,,Jammer, dat die agent een goeie bui had!” (Noot Red.: Lek­kere jongen!) Achteraf bleek, dat hij het anders had bedoeld.

Intussen waren we knap moe geworden, maar onze leiders waren kennelijk onverwoestbaar, terwijl die toch zoveel ouder zijn. Die hadden die moeheid van ons vast wel in de gaten, want er werd gevraagd: ,,Zijn jullie moe of kunnen jullie die 5 kilometer naar de Jeugd­herberg nog lopen?”
We schrokken ons een ongeluk. Het bleek ech­ter dat we vlak voor de jeugdherberg stonden en alleen nog maar de straat moesten over­steken. in de jeugdherberg De Windroos was alle moe­heid snel vergeten en werden we door de vader en de moeder hartelijk ontvangen. Wat hebben deze mensen een zorg voor zoveel kinderen! We konden dat goed ondervinden, want er werd ons een maal voorgezet, dat geweldig was. Na het eten stond er een bezoek aan de Euro­mast op het programma (weer lopen!). Toen we op de Euromast stonden konden we onze leiders het vele lopen heus gauw vergeven, want het was fantastisch wat we te zien kregen: de stad en de havens.

Weer terug in de jeugdherberg was er nog een uurtje tijd voor thee en alle mogelijke spelle­tjes en om tien uur was het: naar bed! En slapen! Een geluk was het, dat er op iedere kamer een leider sliep, want anders was er van slapen niets gekomen, zoveel was er te vertellen en te lachen. Het was al bij half een toen onver­biddelijk het: ,,mond dicht en nu slapen” kwam.

WORDT VERVOLGD.

tekst: De gezamenlijke leerlingen van de Bedrijfsschool Geleen.
bron: I,.H.C. Het Zeskant november 1963


Stichting Erfgoed Werf Gusto 2019

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *