1937: Werken aan de tinbaggermolen ‘Kantoeng’


De eigen drijvende kraan 571 van Werf Gusto werd ingezet bij de hijswerkzaamheden. De 571, is waarschijnlijk gebouwd rond 1925. Het bouwnummer stamt althans uit die tijd. Het was niet geheel ongebruikelijk, dat de ponton in 1925 te water werd gelaten van de kraan met het bouwnummer 571 en pas jaren later zou worden afgebouwd. Wat wel duidelijk is is dat deze drijvende kraan de laatste was, die Werf Gusto in eigen beheer had voor werkzaamheden op de werf. De 571 werd verkocht in 1941 aan het Hamburgse havenbedrijf HHLA. Zijn laatste wapenfeit op de werf was het plaatsen van de giek op de drijvende kraan met het bouwnummer 787 (1942), welke bestemd was voor de haven van Gdynia (Gotenhafen) in Polen. De 571 is tijdens haar reis van Schiedam naar Hamburg in 1941 door Engelse jachtbommenwerpers ter hoogte van Texel tot zinken gebracht. De 571 was bij haar vertrek al omgedoopt tot HHLA III. Het Hamburgse havenbedrijf had de 571 juist aangekocht omdat hij direct beschikbaar was en 150 ton kon tillen. Na het verlies van de 571 bestelden de Duitsers bij Demag in Duisburg een nieuwe kraan met een capaciteit van 100 ton. De kraan werd opgeleverd in 1943 en is nog altijd te bewonderen in de Hamburgse haven. De kraan werd bij ingebruikname eveneens HHLA III gedoopt.

De drijvende kraan afgemeerd aan SB van de Kantoeng is van het Rotterdamse stuwadoorsbedrijf van Koeveren & Co. Voor deze laatste had Werf Gusto in 1923 twee drijvende havenkranen gebouwd van elk 10 ton onder de bouwnummers 563 en 564.

foto: Gemeentearchief Schiedam map 386/117/2  / fotograaf: Onbekend


Stichting Erfgoed Werf Gusto 2020