Op Vijf Poten Naar Dakar* (8)


Cor Sas heeft niets van een leeuwentemmer

AAN BOORD ZWARTE ZEE, 46° 00′ NOORD, 15° 50′ WEST, ZONDAGMIDDAG.

Een sleepreis van 2600 mijl.

Cor Sas heeft het bij Smit voortreffelijk gedaan. Op zijn negentiende kwam hij als derde bij de vloot, twee jaar nadien voer hij als tweede en op zijn 25ste — volgens de wet de minimumleeftijd — werd hij hoofdmachinist op de Maas. Nu, acht jaar later, maakt Cor Sas zijn eerste reis als hoofdmeester op de Zwarte Zee, het pronkstuk van L. Smit & Co’s Internationale Sleepdienst.

Cor Sas.

Je ziet het hem niet direct aan als hij tegenover je zit. Cor Sas is klein van stuk. Hij praat bedachtzaam en met een hoge stem. Hij heeft niets van een leeuwentemmer en toch heeft hij zijn negenduizend „paarden” stevig in de hand. Het zijn de paarden van Cor Sas. die ons naar Dakar moeten trekken, die de schroef zo’n slordige vijf miljoen keer hebben rondgejaagd tegen de tijd dat wij met de Ile de France in Dakar arriveren. We praten wat over zijn werk in zijn hut. De machinekamer met zijn 24 luidruchtige cilinders en tal van andere lawaai producerende installaties is daarvoor minder geschikt. Op een bandrecorder heeft Cor Sas een niet onaanzienlijke hoeveelheid klassieke muziek meegevoerd. Hij draait Wagner-ouvertures terwijl de Zwarte Zee zich grommend een weg baant door de geaccidenteerde watervlaktes van de winterse Atlantic. ‘Op hoeveel schepen hij al hoofdmachinist is geweest’, Cor Sas telt de namen af op zijn vingers. Hij heeft er twee handen voor nodig, want het zijn er negen: de Rode Zee, Schelde, Clyde, Caraibische Zee, Poolzee, Barentsz Zee, Gele Zee, Tyne en Maas. Hij is een van de weinigen die indertijd het passagiersschip Lakonia, de voormalige Johan van Oldenbarnevelt onder hebben zien gaan. „Wij sleepten hem met de Clyde richting Gibraltar. Ik had geen wacht en stond aan dek. Plotseling viel hij opzij. Uit de stukgeslagen patrijspoorten spoten zuilen van rook en stof naar buiten. Net een batterij kanonnen op zo’n oud oorlogsschip. Binnen het kwartier lag zij ondersteboven en was ze verdwenen.” Het gesprek krijgt een gewichtige kant, wanneer wij het over atoom-voortstuwing in de zeesleepvaart krijgen. „Ik geloof er niet in”, zegt Cor Sas, “want dan moet je weer met turbines gaan werken en daar zijn sleepboten niet geschikt voor”. Slepers moeten snel kunnen manoeuvreren en dat gaat niet met een turbine. Terwijl Wagner hardnekkig voortgaat met de produktie van ouvertures op de bandrecorder van Cor Sas en de hoofdmeester van de Zwarte Zee zich opmaakt om af te dalen in zijn heiligdom onder de waterspiegel, geselt een regenbui het dek van onze sleper.

JAMMER
Het is jammer van die regen, maar wij zijn al dolblij dat wij vanochtend zo nu en dan de zon door de wolken hebben gezien. Dat was voor het eerst in een week tijds. Het is me inderdaad het weekje wel geweest. Nu de storm eindelijk is gaan liggen en de balans van vele dagen slecht weer is ongemaakt, blijkt dat wij maar ongeveer tachtig mijl uit onze koers zijn gedreven. Wij hebben de meridiaan van 15° Westerlengte overschreden, wat nauwelijks verontrustend mag heten, aangezien Dakar op 20° West ligt. We hoeven dus maar netjes naar het zuiden af te zakken om zonder verdere omwegen onze bestemming te bereiken. Maar in een blijspel over een sleepreis speelt de wind de hoofdrol. De wind is de enige factor van betekenis. Voor een vlotte gang van zaken zou hij dringend naar noordelijke richting moeten keren, naar tot nu toe heeft er steeds een zuidelijk trekje in gezeten. Bovendien zou het geen kwaad kunnen wanneer de wind genoegen ging nemen met wat Beauforts minder, want ook hoge golven betekenen verspilling van energie.

LANGZAAM
De Zwarte Zee komt er best door. Alles draait hier om de sleep, om de Ile de France, die nu wel gebleken is een windvanger van formaat te zijn. „Heel houden”, is dagenlang het parool geweest en dat hield in: minder toeren, om de sleepdraad, die twee volle dagen over de stuurboordzijde heeft liggen rijden, zo veel mogelijk te sparen. In die opzet zijn de mannen van de Zwarte Zee volledig geslaagd. En hoewel de zee weer wat lijkt aan te schieten onder een lucht die niet veel goeds voorspelt, hobbelen we verder. Uur na uur. Mijl na mijl. Zeker maar langzaam.

WORDT VERVOLGD.

Bron: Algemeen Dagblad
Tekst: Piet van den Broecke
fotograaf: Onbekend
Artikelenserie uit collectie familie Lissenberg Schiedam
* De Zwarte Zee en Ile de France zijn beide gebouwd door vennoten van I.H.C. Holland N.V. De eerste door Smit te Kinderdijk en de tweede door Werf Gusto te Schiedam


*Donderdag 6 januari vertrok het boorplatform onder grote belang­stelling van de Werf te Schiedam.  Op de rivier werd het getrokken door de sleepboten Azië, Europa, Schouwenbank en Steenbank, alsmede de sterkste sleepboot ter we­reld, de Zwarte Zee.  Op zee ging deze laatste alleen verder met de zware sleep voor een tocht van 2600 mijl. De belevenissen gedurende deze lange sleepreis werden dagelijks in het Algemeen Dagblad beschreven onder de aanduiding: “Op vijf poten naar Dakar”!

Tijdens de tocht naar zee werden o.a. filmopnamen gemaakt voor het bioscoopjournaal (Polygoon) en voor de Nederlandse, Duitse en Engelse televisie.
bron: Gusto Berichten No. 2 1966


Stichting Erfgoed Werf Gusto 2019