‘Productontwikkeling’ (1)


De serie artikelen over de activiteiten van de verschillende afdelingen binnen ons bedrijf start vandaag met een artikel van de hand van de heer Ir. G.H.G. Lagers, hoofd van de Productontwikkellings-afdeling:

In het voorjaar van 1968 ging in de kantoren boven de powerloods, waar nu Gusto Staalbouw zijn intrek heeft genomen, een nieuwe kleine afdeling van start. Het kreeg de naam Product-Ontwikkeling – al snel afgekort tot Prodo – en de opdracht te werken aan verbetering van bestaande- en ontwikkeling van nieuwe producten voor Gusto.

Een niet zo scherp omschreven opdracht dus, en het was danook niet verwonderlijk, dat het eerste levensjaar van Prodo voor velen op het bedrijf vrijwel ongemerkt voorbij ging. Pas toen Prodo in de zomer van 1969 verhuisde naar het hoofdgebouw, begon het op te vallen dat een klein aantal jonge medewerkers, tekenaars en ingenieurs, zich bezig hielden met zaken waarvan het nut nu niet direct duidelijk was. Toch was toen al de kiem gelegd voor enkele nieuwe producten, die inmiddels in een vergevorderd stadium zijn gekomen, zoals bijvoorbeeld de deiningscompensator – waarvan het prototype momenteel getest wordt op steiger 2-, dynamic positioning voor een boorschip – wie kent de ‘Pelican’ niet – of een diep drijvende olie-opslagtank, waarvan onlangs een definitief ontwerp is klaargekomen.

Deze enkele voorbeelden laten al zien dat het zeer verschillende zaken zijn waarmee Prodo zich bezig houdt. Vooral sinds 1969, is het aantal en de gevarieerdheid van de problemen alleen maar toegenomen. In dat licht is het niet verwonderlijk dat Prodo inmiddels is uitgegroeid tot een afdeling, die met zijn 15 medewerkers/sters moeilijk meer weg te denken is uit het Gusto gebeuren.

De voornaamste bezigheden van de Prodo-medewerkers zijn: productontwikkeling en engineering. Productontwikkeling begint met een idee. Iemand bedenkt iets, dat nog niet bestaat, dat nuttig of nodig is of dat in de toekomst misschien nodig zal worden. Soms is

het een verbeterde versie van een reeds bestaand product, een andere keer iets heel nieuws. Vaak komt het idee niet van Prodo; een vraag van een klant, een probleem voor de eindmontage, een ideetje bij de Projectafdeling, een verzoek van S.B.M., dit alles kan er de oorzaak van zijn dat men zich afvraagt: hebben wij iets als antwoord op dit probleem of idee? Wanneer dat niet het geval is en wanneer de zaak voldoende interessant is – ter beoordeling aan de productontwikkelingvergadering – dan gaat of gaan één of meerdere medewerkers van Prodo zich in het probleem verdiepen. Bekeken wordt of het probleem oplosbaar, het idee technisch uitvoerbaar is. Vaak wordt een voorontwerp gemaakt, nodig voor bijvoorbeeld gewichts- of prijsschatting. De studie wordt afgerond met een rapport, op basis waarvan de directie kan beoordelen of op de ingeslagen weg moet worden doorgegaan, dan  wel gestopt moet worden.

Voor dit laatste kunnen meerdere redenen zijn:

  • soms brengen andere maatschappijen al “panklare” oplossingen op de markt,
  • in andere gevallen is toepassing van het idee te onwaarschijnlijk.

Engineering ligt direct tegen productontwikkeling aan. Men zou het kunnen definiëren als het werk dat ligt tussen een eerste schetsontwerp en een definitief ontwerp, op basis waarvan bouwtekeningen worden gemaakt. Als we, volgens de bekende zegswijze, iets nieuws zien ontstaan uit 1% inspiratie en 99% transpiratie, dan wordt een goed deel van de transpiratie besteed aan engineering. Bij engineering zit men niet langer te broeden op een idee, maar voert men berekeningen uit op schuif of computer, maakt men tekeningen en neemt het voorontwerp vaste vormen en maten aan. De bezigheden van Prodo op dit gebied gebeuren meer en meer in samenwerking met de ontwerpgroepen van de tekenkamers.

Voorbeelden van dit soort werk zijn:

  • de giek voor de 2000 ton’s kraan,
  • het ontwerp van een anti-slinger tank,
  • meewerken aan kraan, stabiliteitsberekeningen voor boeien enz.

Het bovenstaande geeft de belangrijkste bezigheden van Prodo weer.  Niet altijd echter zijn de resultaten van de inspanningen van Prodo-medewerkers zo duidelijk. Maar wel is het zo, dat hun bijdrage in de door Gusto gebouwde schepen, kranen of andere units, niet meer zijn weg te denken.

Uit: IHC Gusto Nieuws nr. 39 10 november 1972

Terug